Ik leer pas sinds kort alleen te zijn zonder het gevoel te hebben dat ik verlaten ben. Vroeger betekende alleen zijn automatisch dat niemand voor mij koos. Daarom bleef ik te lang in relaties, hield ik vriendschappen in stand die me leegzogen, belde ik mensen die nooit uit zichzelf belden en bood ik mijn excuses aan terwijl ik niks fout had gedaan.
Alles liever dan dat iemand vertrok. De afgelopen tijd ben ik bewust dingen alleen gaan doen. Eerst koffie drinken, toen naar de bioscoop, later een hele vrije dag zonder afspraken. De eerste keer voelde ik me bekeken. Alsof iedereen in het café zag dat de stoel tegenover me leeg was en daar een conclusie aan verbond.
Niemand keek natuurlijk. Langzaam merkte ik dat alleen zijn ook iets rustigs heeft. Je hoeft niemand bezig te houden, geen stemming te lezen, niet te vragen wat de ander wil. Het moeilijkste inzicht was dat ik misschien jarenlang niet bang was om mensen kwijt te raken, maar bang was om met mezelf over te blijven.
Want als er niemand naast je zit, kun je je waarde niet meer afmeten aan wie blijft. Dat klinkt positief, maar het doet ook pijn, omdat ik nu zie hoeveel gedrag ik in het verleden accepteerde puur omdat gezelschap voor mij belangrijker was dan respect.
Reacties