Ik ben huisarts en ik heb vorig jaar een euthanasieverzoek afgewezen, en de familie denkt dat ik laf was.

Ik ben zesenvijftig, praktijkhoudend huisarts in een dorp, achtentwintighonderd patiënten, negentien jaar in deze praktijk.

In negentien jaar heb ik elf keer euthanasie uitgevoerd. Dat is niet veel en het is niet weinig; het is wat het is.

Deze patiënt kende ik veertien jaar. Een vrouw van eenenzeventig, COPD, in het laatste jaar snel achteruit. Ze heeft het in maart voor het eerst gevraagd, in november opnieuw, en in januari heeft ze het schriftelijk ingediend.

Ik heb het niet gedaan.

De reden is niet dat ik principieel bezwaar heb. Dat heb ik niet, en ik heb het elf keer gedaan.

De reden is dat ik niet overtuigd was van de vrijwilligheid.

Haar zoon woonde sinds 2022 bij haar. Hij deed de zorg. Hij deed het goed — ik heb daar niets op aan te merken, hij waste haar en hij regelde de medicatie en hij was uitgeput.

En in drie van de gesprekken die ik met haar had, was hij in de kamer. Twee keer heb ik hem gevraagd te vertrekken en dat deed hij, meteen, zonder morren. En in de gesprekken zonder hem veranderde haar formulering.

Niet haar wens. Haar formulering. Met hem erbij zei ze: "Ik wil niemand tot last zijn." Zonder hem zei ze: "Ik weet het niet."

Dat is het hele verhaal. Dat is alles wat ik had. Geen dwang, geen ruzie, geen financieel motief — een uitgeputte zoon en een moeder die niet tot last wilde zijn.

Ik heb de SCEN-arts laten komen, zoals het hoort. De SCEN-arts was voorzichtig en vond het ook twijfelachtig, maar niet uitgesloten.

En ik heb nee gezegd.

Wat er daarna gebeurde: ze is in juni gestorven, in het ziekenhuis, aan een longontsteking. Vier dagen. Niet mooi.

De zoon heeft me op de begrafenis een hand gegeven en gezegd: "U had haar kunnen helpen."

Hij heeft gelijk in de zin dat ik haar had kunnen helpen. Hij heeft ongelijk over de reden dat ik het niet deed, en ik kan hem die reden nooit vertellen, omdat de reden hij is.

Wat ik niet weet, en wat ik 's nachts opnieuw doorreken: of ik haar laatste wens heb genegeerd om mijn eigen gewetensrust te beschermen. Want dat is de kern. Als ik het had gedaan en het was onvrijwillig geweest, draag ik dat. Als ik het niet doe en het was vrijwillig, draagt zij het — en zij is er niet meer om te klagen.

Ik heb de veilige kant gekozen voor mijzelf.

Zijn er huisartsen hier? Hoe weegt u de familie die aan het bed zit? En is er iemand die een verzoek heeft afgewezen om deze reden, en wat heeft dat met u gedaan? Ik heb dit met één collega besproken in anderhalf jaar.

weergaven4 reacties0 emoties0
Antwoorden met een post

Had je het gevoel dat het over jou ging?

Jouw verhaal hoort hier ook. Geen naam, geen e-mail, niets dat naar jou wijst.

Schrijf je verhaal

Reacties

Nog geen reacties geplaatst.
Je reactie verschijnt meteen.