Mijn vrouw heeft hersenletsel na een ongeluk in 2021 en ze is er wel en ze is het niet.
Ze is tweeënveertig. Ik ben vijfenveertig. We hebben twee kinderen van dertien en tien.
Het ongeluk was in mei 2021. Fietser, auto, kruising. Ze heeft drie weken in coma gelegen en vier maanden in de revalidatie.
Wat er medisch is: niet-aangeboren hersenletsel, frontaal. Ze loopt. Ze praat. Ze kookt, ze rijdt niet meer, ze leest nog boeken al duurt het langer.
Iedereen die haar tien minuten ziet, denkt dat ze hersteld is. Haar eigen moeder zei in 2022: "Gelukkig is ze helemaal terug."
Wat er niet terug is:
Haar rem. Ze zegt dingen. Niet gemeen bedoeld — de filter zit er niet meer. Ze heeft op een verjaardag in 2023 tegen mijn zus iets over haar gewicht gezegd, hard, in een stil moment, en mijn zus is naar de keuken gegaan en ik ben achter haar aan gegaan en ik heb het uitgelegd voor de twintigste keer.
Haar initiatief. Ze doet niets uit zichzelf. Niet uit onwil; het begint niet. Als ik niet zeg "we gaan nu eten", wordt er niet gegeten. Dat betekent dat ik in dit huis de enige ben die beslissingen neemt, over alles, sinds vier jaar.
En haar vermoeidheid, die om half vier begint en waar de kinderen hun middag naar inrichten zonder dat iemand het ooit heeft afgesproken.
Wat niemand mij heeft verteld, en dit is waarom ik schrijf:
Rouw om iemand die er is, is niet toegestaan.
Als je vrouw overlijdt, komen er mensen. Er is een begrafenis, er is een jaar waarin mensen vragen hoe het gaat, er is een woord voor wat je bent.
Als je vrouw thuiskomt uit de revalidatie en kan lopen en praten, dan is het een happy end, en dan is er niemand meer.
Ik mis mijn vrouw. Dat is de zin. Ik mis haar terwijl ze naast me op de bank zit, en ik heb dat in vier jaar tegen één persoon gezegd, een revalidatiepsycholoog, in 2022, en ik heb het daarna niet meer gezegd omdat ik het niet aankon om het hardop te horen.
En mijn dochter van dertien is de tweede moeder in dit huis geworden en dat heeft niemand haar gevraagd.
Er is iets wat ik niemand heb verteld: ik heb in 2023 haar oude WhatsApp-berichten teruggelezen. Van voor mei 2021. Een hele avond, de manier waarop ze typte.
Dat was het moment dat ik begreep dat ik iemand aan het begraven was die in de kamer zat.
Zijn er hier partners van mensen met NAH? Hoe doet u dat met de omgeving die denkt dat het goed is? En is er iemand die een plek heeft gevonden om dit te zeggen — want dat is wat ik mis: niet hulp, een plek om het te zeggen.
Reacties